Mannen houden borden hoog

Fossielen laat je opgraven

Geschikt, ongeschikt, keta

Let’s kech

Keta kech

Tactisch braak plekje

‘s Avonds een vent, 100% rendement

Als ík het maar leuk heb

Waar is mijn bier

 

Meid trek je panty uit

Makreel eens langs

Maar bloed glijdt ook

Lowlands laat je kut zien

Advertenties

50e editie Paginagroots

Afgelopen zondag (12 mei 2019) bezocht ik Paginagroots: een Rotterdams podium voor jong talent op het gebied van proza, poëzie en spoken word. Toevallig was dit de 50e editie en daarmee ook de laatste die Derek Otte voor rekening nam als initiator, organisator en host.

Derek nam ons in woorden mee naar de allereerste editie van Paginagroots, destijds in Tarwewijk. Zijn moeder had wat flessen Freeway cola en borrelnootjes gehaald en hij rekende op zo’n veertig mensen aan publiek. Er stond tachtig man op de stoep. De kartonknutsels van de Rotterdamse skyline die dienst deden als decor vielen bij het slotapplaus uit elkaar. Uit de audiofragmenten waarop half literair Rotterdam Derek bedankte voor zijn inzet bleek hoeveel Paginagroots in de tussentijd heeft betekend voor de stad.

Lees verder 50e editie Paginagroots

Weggooien is zonde

The juicy dragonfruit sparkles
on the tongue with a cool
aftertaste of ginger and mint
Created with the mysterious
damiana herb which enhances
male and female sexuality

Na zes jaar tergend traag
de zakjes één voor één
in water te dopen en
medeleuten voorzichtig
aanmoedigen datzelfde te doen
wacht eindelijk het laatste
envelopje in de doos

THT datum verloren met het karton
de gruwel van mint in drinken
afstand tot ons aller seksualiteit
frommelig en te fel papier
aanzicht van dampend neon-roze en
gematigd enthousiasme tot chakraleer
waren niet de voornaamste redenen
voor buitensporig theebehoud

BAR

vooruit de nacht in
nog even een met de wanden
door electrozompen
laag in frequentie
als in het halfduister
kleine mannen bloemen
van de muur
beginnen pulken

hoewel het boeket
nieuwe nachtvlinders aantrekt
vormen zich de eerste bressen

kelder is nog warm, lokt
licht uit de booth slaat stuk
tegen laag plafond
denken kan niet meer
dansen wel,
dampend in zware lucht, te druk
maar blij want elke stap opzij
nieuwe galm, nieuw geluid
niemand hoort het kraken
kieren langs de kanten

ondergronds gelden geen verboden
ademen we mantelpluimen en
duwen ether hoger dan kan tot
het barsten slaat
cement in onze nekken kruimt
klare hemel opent

Verhalen vertellen

Dit jaar mocht ik weer meedoen met One Night’s Dance: een jaarlijks project van Dansateliers waarin beginnende dansmakers in korte tijd een nieuw stuk maken. Vanwege het 25 jarig bestaan van Dansateliers werden daarnaast twee choreografieën hernomen uit eerdere edities van One Night’s Dance.

Ik schreef een poëtische reflectie op de choreografieën van de talenten Ellis van Veldhuizen, Sigrid Stigsdatter Mathiassen en Maria Sartzetaki en No Man Is An Island van Erik Kaiel. Op vrijdag 7 en zaterdag 8 december droeg ik de reflectie voor na de voorstelling. Net als vorig jaar was dit een ontzettend leuk en leerzaam project om aan mee te werken. Ik blijf me verwonderen over de associatieve kracht van moderne dans en de manier waarop dansers ons zonder woorden kunnen meeslepen in hun verhaal.

Lees verder Verhalen vertellen

Blijven

In één van de lessen van de Poetry Academy kwam auteurschap aan bod. Wanneer is een gedicht van jou en kan je eigenlijk wel stellen dat een gedicht van iemand is? Als je uitgaat van het idee dat een gedicht al bestaat, zelfs vóór het geschreven is, is degene die het gedicht opschrijft dan wel de auteur te noemen? En wat gebeurt er met auteurschap als je een gedicht met meerdere mensen schrijft?

Lees verder Blijven

Het gedicht was er al

De laatste lessen van de Poetry Academy naderen. Tijdens de lessen van Joost Baars spraken we over mystiek schrijven en welke invulling je daaraan kan geven. Als thuisopdracht voerden we gesprekken met de voorwerpen om ons heen. Ik sprak met een klok, de rommel om me heen en het badwater waarin ik lag. Je kan praten met alles. De pen of inkt waarmee je schrijft; de lijnen die je ermee trekt, de woorden die ze vormen, de toonhoogte van je stem die in gedachten meepraat.

Door die gesprekken aan te gaan geef je woorden en daarmee een representatie, verbinding, aan elementen die al lang in de wereld waren, maar je misschien nog nooit (zo) had gezien. Die representatie is niet dekkend, maar wel een benadering, een soort zoektocht. Dat kunnen wij. Dingen die er al zijn opmerken en op onze eigen manier benaderen, representeren. Op die manier laten we iets dat er al was op een nieuwe manier zien aan onszelf en aan anderen.

Ontvankelijk zijn, het (opnieuw) opmerken van elementen in de wereld en die elementen benaderen met je eigen tools – of dat nou woorden, lichaamsbewegingen, stroken van een kwast of heel andere uitingen zijn – is volgens mij creativiteit. Daarmee begrijp ik nu de uitspraak ‘het gedicht was er al, ik heb het alleen opgeschreven’.