Spartageest

Vrijdag sloot De Likt het programma in de Jurriaanse Zaal van de Doelen af tijdens Poetry International. Allereerst vind ik het heel tof dat poetry de band programmeerde. De Likt verdient een plek op dit podium, met hun actuele geluid en ras Rotterdamse teksten. Hoewel het juist die teksten zijn die voor mijn feministische hart (en op nog wat andere vlakken) te ver gaan, krijg ik geen genoeg van deze band. Velen met mij en hun optredens gaan dan ook vaak gepaard met een hossende menigte mensen voor het podium die helemaal los gaat onder het genot van een nodige hoeveelheid alcohol en/of andere substanties. Een contrast met de zaal waar wij ons op dat moment bevonden, met daarin een bijna volledig wit publiek en een gemiddelde leeftijd van zo’n 60 jaar dat keurig op zijn stoeltje bleef zitten.

Tijdens het optreden werd Jules Deelder stilletjes de zaal ingebracht. Rechts vooraan het podium bleef hij staan luisteren. Hij had vooraf aan De Likt zijn werk voorgedragen in dezelfde zaal, onder luid gejuich van het Rotterdamse publiek. Jordy Dijkshoorn, frontman van de band, vertelde dat Jules een grote inspiratiebron is voor zijn teksten. ‘Als het goed is, is hij hier aanwezig’. Daarop droeg hij onder begeleiding van de band zijn favoriete gedicht voor van de Rotterdamse Nachtburgemeester: Spartageest. Pas bij het volgende nummer merkte Jordy Jules op en kreeg – misschien alleen in mijn beleving – een trotse lach op zijn gezicht. Gut.

 

Deze blog verscheen op Letteren010.

Advertenties

Poetry Slam Rotterdam

Afgelopen vrijdag namen acht dichters het tegen elkaar op in de finale van de Poetry Slam Rotterdam. Bij een Poetry Slam draagt elke dichter voor uit eigen werk en bepaalt het publiek de winnaar. Na elk van de drie rondes stemt ieder op zijn of haar favoriet en degene met de meeste stemmen wint. De Leeszaal West zat vol, de sfeer was goed.

Lees verder Poetry Slam Rotterdam

50e editie Paginagroots

Afgelopen zondag (12 mei 2019) bezocht ik Paginagroots: een Rotterdams podium voor jong talent op het gebied van proza, poëzie en spoken word. Toevallig was dit de 50e editie en daarmee ook de laatste die Derek Otte voor rekening nam als initiator, organisator en host.

Derek nam ons in woorden mee naar de allereerste editie van Paginagroots, destijds in Tarwewijk. Zijn moeder had wat flessen Freeway cola en borrelnootjes gehaald en hij rekende op zo’n veertig mensen aan publiek. Er stond tachtig man op de stoep. De kartonknutsels van de Rotterdamse skyline die dienst deden als decor vielen bij het slotapplaus uit elkaar. Uit de audiofragmenten waarop half literair Rotterdam Derek bedankte voor zijn inzet bleek hoeveel Paginagroots in de tussentijd heeft betekend voor de stad.

Lees verder 50e editie Paginagroots

Taciturn

Zaterdag bezocht ik Festival Cement. Een theaterfestival in Den Bosch waar ik blij van word. Er zijn veel jonge makers te zien en gedurende het festival wordt er ook ingezet op talentontwikkeling voor mensen die achter de schermen werken.

Ik beland in de voorstelling Taciturn: een solo van Joey Schrauwen. Net als in twee van zijn eerdere voorstellingen speelt een door hem gemaakt object hierin de hoofdrol. Joey ontmoet zijn publiek vooraf aan de voorstelling en leidt ons de zaal in. Alleen een houten installatie in het midden en een grote spot rechts vooraan, hebben een plek op het podium. Na een kort schaduwspel betreed Joey de installatie. Het is een laag, houten podium van ongeveer een meter breed en een halve meter diep. Op beide korte zijden staat een paal met een ingeklapt rek. Denk aan een ouderwets traphek wanneer het helemaal is ingeklapt.

Lees verder Taciturn

Taaie oude vrijsters

Mijn lief heeft Noorse roots. Zijn moeder komt uit Harstad, een mooie stad aan het water, een eindje boven de poolcirkel. We gaan regelmatig naar Noorwegen en hopen er ooit te gaan wonen. Met die insteek volg ik Noorse les in de Sjømannskirken; het houten kerkje in het Euromast-park. Het is zó leuk om weer een nieuwe taal te leren. Noors is niet ontzettend moeilijk te leren voor Nederlanders. Het is een Germaanse taal en als je aardig Engels en Duits spreekt herken je veel woorden en voelen zinsopbouw en grammatica vrij natuurlijk.

Wat het vooral zo leuk maakt vind ik de culturele informatie die taal in zich draagt. Tijdens een les rond de sinterklaasperiode hadden we het over taaitaaipoppen, of zoals je in het Noors zegt: peppermøer. Onze docente vertelde dat het vroeger in Noorwegen gebruikelijk was dat vrouwen een dame van peperkoek kregen wanneer ze dertig werden en vrijgezel waren. Het woord peppermø is de vrouwelijke variant van peppersvenn. Zo werd vroeger een ongetrouwde, rondreizende kruidenhandelaar genoemd. De Nederlandse vertalling van peppermø is ‘oude vrijster’. Daarop wist een van mijn klasgenoten te vertellen dat je een (vrouwelijke) taaitaaipop in het Nederlands ook wel ‘oude vrijster’ noemt.

Lees verder Taaie oude vrijsters

Radicalizing the local

Verslag van een workshop door Jeanne van Heeswijk.

Gisteren volgde ik een Thursday Night Workshop van Jeanne van Heeswijk in Het Nieuwe Instituut. Jeanne is kunstenaar en werkt in het gebied van social design. Door zich te verdiepen in- en onderdeel te worden van verschillende communities, maakt ze groepen ervan bewust dat zij zélf hun relaties, omgeving en toekomst kunnen creëren.

De workshop was een mini-versie van Jeanne’s ‘Training for the not yet’. Een training die normaalgesproken een week kan duren en wij in een kleine twee uur doorvlogen. Jeanne liet ons nadenken over welke plekken, idealen en ‘tekortkomingen’ onderdeel van ons zijn. Bij het benoemen van deze belongings gooiden we een bol wol over – telkens in een andere kleur. Zo ontstond er langzaam een netwerk tussen de deelnemers. Een netwerk dat we later uitbreidden door te zoeken naar connecties tussen onze belongings.

img_0716.jpg

Lees verder Radicalizing the local

Cultuureducatie biedt tegenwicht

Deze column schreef ik voor Kinderkunstplein en verscheen daar eerder vandaag. 

We leven in een wereld van eindeloze informatiestromen en communicatie. Ik mocht op de middelbare school één uur per dag via de inbel-verbinding online. Het was superbelangrijk wat je klasgenoot in haar MSN-naam had staan en hoeveel krabbels je had op Hyves. Nu werk ik als marketeer voor educatie bij Het Nieuwe Instituut. Social media heeft ondertussen een grote plaats gekregen in de wereld van kinderen en jongeren. De creativiteit en kunde waarmee zij content maken in apps als Instagram, Snapchat en musical.ly verrast me keer op keer. Maar ik zie hiervan ook de keerzijde. Mobiele telefoons zijn altijd aanwezig, er ligt druk op de juiste pose, uitdrukking, filter en hashtag en een misstap wordt snoeihard afgerekend. 

Cultuureducatie kan in deze wereld een belangrijk tegenwicht bieden. De interactie met kunst en cultuur leerde mij dat je inhoud en gevoel op de meest uiteenlopende manieren kan presenteren. Bij Het Nieuwe Instituut worden digitale media ingezet als middel om kinderen en jongeren design en architectuur te laten ontdekken. Apps ondersteunen vaak onze workshops doordat ze uiteenlopende maak- en programmeer functies hebben. Vormen hoeven hierbij niet altijd perfect of zelfs mooi te zijn. Door cultuur zó te beleven en er met een goed educatie-programma actief mee aan de slag te gaan, ontdekken kinderen en jongeren nieuwe kaders. Ze zien dat de afwijking vaak júist het beste werkt en mag worden gevierd.