Radicalizing the local

Gisteren volgde ik een Thursday Night Workshop van Jeanne van Heeswijk in Het Nieuwe Instituut. Jeanne is kunstenaar en werkt in het gebied van social design. Door zich te verdiepen in- en onderdeel te worden van verschillende communities, maakt ze groepen ervan bewust dat zij zélf hun relaties, omgeving en toekomst kunnen creëren.

De workshop was een mini-versie van Jeanne’s ‘Training for the not yet’. Een training die normaalgesproken een week kan duren en wij in een kleine twee uur doorvlogen. Jeanne liet ons nadenken over welke plekken, idealen en ‘tekortkomingen’ onderdeel van ons zijn. Bij het benoemen van deze belongings gooiden we een bol wol over – telkens in een andere kleur. Zo ontstond er langzaam een netwerk tussen de deelnemers. Een netwerk dat we later uitbreidden door te zoeken naar connecties tussen onze belongings.

img_0716.jpg

Lees verder

Advertenties

One Night’s Dance

Deze week mocht ik meewerken aan een ontzettend leuk project: One Night’s Dance. Dit is een jaarlijks terugkerend project van Dansateliers waarin vijf getalenteerde, jonge choreografen binnen korte tijd een nieuw stuk maken van zo’n 10 minuten. De werken worden gedurende twee weken acht keer getoond in een voorstelling.

Naast de dansen maakten dit jaar een fotografe foto’s van de repetities, een beeldend kunstenaar twee werken geïnspireerd door de dansen en werden Lotte Vermeulen en ik beide gevraagd in gedicht op de werken te reageren. Woensdag was ik aanwezig bij de doorloop waarna ik in één dag het gedicht ‘Iets meer niemand zijn’ schreef. Daarna droeg ik het deze drie avonden na de voorstelling (inclusief de première) voor.

Lees verder

Plastic Tasjes Mania

Vandaag verscheen een gastcolumn van mijn hand op de website van De Jonge Idealist. Klik hier voor de originele post. De Jonge Idealist is een initiatief van mijn vriendin Annemiek Lely: Een medium voor discussie onder jongeren over het streven naar een betere wereld. 

Ik ga meestal naar de Jumbo. Groot assortiment, praktisch om de hoek en – waarschijnlijk alleen in mijn beeldvorming – net iets goedkoper dan de AH. Gezien diners vooruit plannen niet in mijn systeem zit, kom ik er nogal vaak. Ik stoor me telkens weer mateloos aan de plastic zakjes waarin Jumbo de groenten verpakt. Daarbij kijk ik er ook raar van op dat je je appels nog steeds in een kosteloos plastic tasje mag doen om af te wegen. Is het gratis verstrekken van plastic tasjes niet verboden sinds 1 januari 2016?

Voor iedereen die zich deze dingen bij het doen van zijn dagelijkse boodschappen ook afvraagt, allereerst de reactie van Jumbo op het zakje om jouw paprika:

“Voor bepaalde soorten groenten en fruit geldt dat ze verpakt minder beschadigen en langer vers blijven. In sommige gevallen, bijvoorbeeld als meerdere varianten van hetzelfde product verkocht worden, is verpakken de beste optie om te kunnen etiketteren.”

Ok. Waarom verpakt de marktkoopman dan zelden zijn groenten? En de natuurwinkel aan de overkant helemaal niet? Met mijn magere kennis over dit onderwerp denk ik dat het allemaal te maken heeft met al dan niet lokaal inkopen. Ik vraag me af waar Jumbo zijn fruit en groente inkoopt…

Wat betreft de tasjes; het verbod is enkel van toepassing op plastic tasjes die worden verstrekt bij het afreken moment. Zolang je tasjes eerder in het winkelproces aan klanten toestopt is er dus eigenlijk niets aan de hand. Lang leve de plastic soep in onze oceaan.

Ik wil jullie graag wijzen op hoe het ook kan. Een initiatief dat in Groningen, Leiden en Utrecht al een poos een feit is: De verpakkingsvrije winkel. Je neemt gewoon je eigen potjes mee, of koopt ze daar, weegt deze vooraf aan het vullen en rekent daarna de inhoud af. Voor groenten zijn er recyclebare tasjes van een soort jute.

Naast het licht negeren van teleurstelling in mezelf omdat ik even goed een verpakte aubergine in mijn mandje stop wanneer de nood nog niet eens echt hoog is en het radicaal niet in een plastic tasje doen van mijn twee avocado’s en drie rode pepers, heeft deze zakjes waanzin weinig effect op mijn leven. Maar daar komt verandering in. Ik doe het niet meer, geen overbodig plastic meer op deze aardbol door Marjolein. Vanaf nu koop ik mijn groenten en fruit op de markt of een natuurvoeding winkel. Het gaat in alle steden nog niet even goed met de verpakkingsvrije winkels, maar ik ben ervan overtuigd dat dit in Rotterdam en Amsterdam wel kan. Ik ben er bij.

World Nomads: Ilse of Water

Een poosje terug deed ik mee aan een schrijfwedstrijd van World Nomads. Niets gewonnen, maar ik kan jullie nu wel een kijkje geven in mijn allereerste duik avontuur in Indonesië. Mocht je ooit de kans krijgen; ga duiken!! Klik hier voor de originele post.

Gili air. An island as ever you’d imagine one.

thumb_IMG_0461_1024

Gili Air

I find myself on the side of a boat filled with oxygen tanks and fins. A cramped wet-suit protects my back from burning even more red. Nervous and sea-sick, I stoically repeat the lessons I learned in the swimming pool the days before.

Behind me the island is growing smaller. Its beaches filled with boats of all sizes, made with typical wide-spread pontoons. An hour-and-a-half walk took me around the island on my first night. Bamboo tents playing reggae music alternated with empty, pearly beaches. A welcome oasis after the smog-filled streets of Java. The touristy atmosphere of the tiny island is well compensated by its extremely hospitable natives, the absence of motor vehicles and laid back mood.

This is it then. A mixture of fear and excitement gathers in my stomach and soon races through the rest of my body. I take my seat on the edge of the boat, cross my legs, put one hand behind my head, the other over my regulator and let myself fall backwards into the sea. For a moment, up is down and vice versa.

During the descent, Joe, my instructor, looks me deep in the eyes. ‘Are you ok?’ I’m not. Half way down my ears hurt like crazy. Anxiety is getting to me. Without words, Joe tells me to stop being a pussy.

Complete weightlessness. I’m floating one foot above the bottom of the sea. Tiny, colorful fishes surround me and I cannot stop watching. I have to control my excitement: Deep, controlled breaths… The ocean’s surface is high above me like a glittery ceiling.  Visions of me as a five year old playing mermaid in the bathtub flash by. I’m on cloud nine.

It takes a while before I  establish the perfect amount of air in my jacket which makes me float gently in the soft current. There’s a reef dooming up in front of us. A whole new world is forming: vivid colors in an uncountable number of shapes, covered in thousands of the brightest fish in any color you can image. The first rule in diving, well ok, except for the safety rules preventing you from dying, is to NEVER TOUCH ANYTHING. Afraid to do so, I fly above the gorgeous scenes; breathless. Joe turns around with excited eyes, pointing out something in front of him: A turtle! Chill as can be it seems to enjoy the corraly delicacies. I cannot get enough.

With the first gap of fresh air in the world above, I realize I forgot about my ears completely, even though they still hurt like hell.